|
De markt voor de voertuiginformatie zal ook dit jaar een grote vlucht nemen, denkt Michel Corveleijn, directeur van VWE bureau voor voertuigdocumentatie en -informatie. Alleen al vanwege de groei van alle mobiele apparatuur. Corveleijn pleit daarbij voor meer samenwerking in de markt. Zelf alles moeten ontwikkelen is een kostbare zaak, waarom daarom niet samenwerken?
Wagenparksamenstellingen
VWE heeft met dat laatste al de nodige ervaring. Vorig jaar heeft het de krachten gebundeld met databasemarketingorganisatie Sizo Solutions. De koppeling heeft geleid tot unieke informatie over wagenparksamenstellingen die voorheen niet beschikbaar was. Geïnteresseerden als fleetsalesafdelingen van automerken, verzekeraars en leasemaatschappijen kunnen nu inzicht krijgen in de wagenparkkenmerken van bedrijven in het verkooprayon voordat er contact heeft plaatsgevonden.
De core van VWE is het verrijken van data. Daar wil de organisatie altijd in voorop lopen. Dat verrijken gebeurt op alle niveaus, benadrukt Corveleijn. "Denk aan bijvoorbeeld de dienst APK afmelden.. Die kunnen wij verrijken met een overzicht van meest voorkomende mankementen van het betreffende model auto. Daar heeft een keurmeester wat aan!"
Financiele dienstverlening
Maar er wordt meer dan alleen verrijkt. Neem de BPM-dienstverlening van VWE, een belangrijke pijler onder het bedrijf. VWE noemt zichzelf autoriteit op het gebied van ondersteuning van de gebruikte voertuighandel, exportdienstverlening is daarbij een belangrijk specialisme. En bij export hoort BPM - de wetgeving daaromtrent is bijzonder taai. Onlangs is er weer jurisprudentie geweest die het huidige systeem totaal overhoop kan gooien. "Het is een thema waar we onze tanden hebben ingezet. Klanten verwachten van ons inmiddels niet anders."
Onder de klanten van deze diensten bevinden zich veel fleetowners en leasemaatschappijen. Aan deze markt biedt VWE remarketingondersteuning, zoals Corveleijn dat noemt. Onderdeel daarvan is dat VWE de BPM, die bij export wordt teruggegeven, voorfinanciert. "Dit stuk financiële dienstverlening hebben we ingesteld zodat bij verkoop leasemaatschappijen hun dossier kunnen sluiten. Het duurt namelijk enige tijd voordat de rest-BPM wordt uitbetaald. Het is deels ook afhankelijk van de kwaliteit van de gegevens. Daarnaast hebben we goede contacten met de belastingdienst, de douane en de RDW. Het komt allemaal een spoedige afwikkeling ten goede", aldus Corveleijn.
Fleet- en leasebedrijven kopen dus eigenlijk het risico af bij VWE als ze besluiten het gehele exporttraject uit te besteden. We moeten ons daarbij bedenken dat het om veel geld gaat, benadrukt de directeur. Op een gemiddelde jonge export (lease)auto zit een rest BPM-bedrag van tussen de vijf en zevenduizend euro.
|