|
Automobilisten overschatten de reistijd met het openbaar vervoer met de helft. Hierdoor lijkt het extra onaantrekkelijk om de auto te laten staan. Dat is een van de resultaten van onderzoek naar het keuzegedrag van reizigers waarop onderzoeker Job van Exel vandaag is gepromoveerd.
Veel automobilisten denken maar zelden aan het openbaar vervoer als alternatief voor hun reis. Des te minder automobilisten bekend zijn met het ov, hoe meer zij de reistijd overschatten. Onbekend maakt dus
onbemind.
Extra autoverkeer
Reizigers met het openbaar vervoer zien de auto wel vaak als een goed alternatief voor hun reis. Ze kiezen echter niet voor de auto omdat ze problemen verwachten met files en het vinden van een parkeerplaats. Investeren in bereikbaarheid per auto betekent daarom dat deze reizigers vaker de auto in plaats van het openbaar vervoer zullen gaan overwegen. Dergelijk beleid leidt daarmee tot extra autoverkeer. Persoonlijke voorkeuren en gewoontevorming spelen ook een belangrijke rol in reisgedrag.
Uit gewoonte
Van Exel laat zien dat sommige reizigers een grote voorkeur voor de auto hebben. Evenals mensen die uit gewoonte reizen zijn zij weinig gevoelig voor pogingen om hun gedrag te beïnvloeden. Andere reizigers kijken wel naar (veranderingen in) de voor- en nadelen van verschillende vervoermiddelen.
Sommige van deze reizigers bekijken per reis wat het beste alternatief voor hen is. Anderen doen dit af en toe, bijvoorbeeld bij verhuizing of verandering van baan. Beleid is het meest efficiënt als het gericht is op deze keuzereizigers.
Overheidsbeleid
Op welke manier kan de overheid mensen beïnvloeden om meer gebruik te maken van het openbaar vervoer? Overheidsbeleid dat reisgedrag wil veranderen, is het meest efficiënt als het gericht is op een bepaald type reizigers. Sommige reizigers hebben een dominante voorkeur voor de auto, hun gedrag is nauwelijks te beïnvloeden. De overheid kan zich dus beter richten op de reizigers die open staan voor de voor- en nadelen van verschillende vervoermiddelen.
|